Bestek-Angst

Nee, ik bedoel niet een horror-scenario met mes en vork. Het Stabu-bestek – of eigenlijk, volgens de definitie van de BNB: het bestekboek. Een collega heeft wel eens gesuggereerd dat de calculator die een aanvang maakt met de begroting, eerst het bestek maar eens op de weegschaal legt – zwaar bestek: duur werk.

De term ‘bestek’ heeft bij sommigen een slechte naam. Het is te zwaar, het juridische hoofdstuk voelt aan als een molensteen, de technische paragrafen bieden geen ruimte voor alternatieven. De oplossing: een Technische Omschrijving – ‘dat is ook wel genoeg’. Maar wat verwacht men daar eigenlijk van? Is er wel zoveel verschil met een bestekboek? Volgens mij zijn de bedoelde verschillen: het loslaten van de structuur en de andere titel op het voorblad.

Ik denk dat er geen goede reden is voor de irrationele bestek-angst. De Stabu structuur is niet voor niets opgezet, en wordt ook breed gedragen; bijna alle aannemers maken hun calculaties volgens Stabu codering. Gestructureerd werken zou toch ook de norm moeten zijn in de bouwwereld – zeker nu ontwerpende en uitvoerende partijen bezig zijn met de verdere ontwikkeling van automatisering en informatie-uitwisseling door middel van BIM. Zou het contractdocument dan een losse verzameling van teksten moeten worden?

Mogelijk ligt er een gapend gat tussen de denkwijzen van technici en economen. Of heeft een nieuwe lichting managers de behoefte om alles weer anders te doen dan dat het altijd gedaan werd? Het bestek mag best wat lichter, het juridische hoofdstuk kan korter en de invulling van alternatieven kan vrijer. Als dat gelukt is, binnen de standaard structuur, toch nog bestek-angst? Dan zetten we gewoon een ander woord op de omslag.

Bestek-Angst